Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.[A] ,
[B],
1.[C] ,
[D],
1.De procedure
- het tussenvonnis van 31 oktober 2018;
- het proces-verbaal van comparitie van 21 februari 2019;
- het faxbericht van 11 maart 2019 van [A] c.s. met daarin twee opmerkingen over de inhoud van het proces-verbaal;
- de brieven van de griffier van 13 maart 2019 aan partijen, waarbij [C] c.s. in de gelegenheid zijn gesteld om binnen veertien dagen te reageren op het commentaar van [A] c.s. op het proces-verbaal.