ECLI:NL:RBNNE:2019:1862
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Voorwaardelijke gevangenisstraf wegens bedreiging met terroristisch misdrijf
Op 20 maart 2018 heeft de verdachte telefonisch de klantenservice van een bedrijf benaderd en gedreigd met een terroristische aanslag indien er niet binnen 48 uur 120 bitcoins aan hem werden overgemaakt. De rechtbank oordeelde dat dit een voltooide poging tot afpersing betrof, maar dat sprake was van vrijwillige terugtred omdat verdachte besloot zijn plan niet verder uit te voeren en geen verdere instructies gaf.
De rechtbank sprak verdachte vrij van het primair ten laste gelegde, te weten poging tot afpersing, wegens deze vrijwillige terugtred. Het subsidiair ten laste gelegde, bedreiging met een terroristisch misdrijf, werd echter wel bewezen verklaard. Verdachte had met zijn dreigementen angst en onveiligheid veroorzaakt, wat als een ernstig delict wordt beschouwd.
Gezien de ernst van het feit, de persoonlijke omstandigheden van verdachte waaronder psychische problemen, en het advies van de reclassering, legde de rechtbank een voorwaardelijke gevangenisstraf van 3 maanden op met een proeftijd van 2 jaar. Daarbij werden bijzondere voorwaarden opgelegd zoals meldplicht bij de reclassering en ambulante behandeling bij een forensische zorgverlener. De gevangenisstraf zal niet worden uitgevoerd tenzij verdachte de voorwaarden niet naleeft.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 3 maanden met een proeftijd van 2 jaar wegens bedreiging met een terroristisch misdrijf.