ECLI:NL:RBNNE:2019:2024
Rechtbank Noord-Nederland
- Bodemzaak
- K. Wentholt
- S. Dijkstra
- R.L. Herregodts
- Rechtspraak.nl
Vernietiging terugvorderingsbesluit bijstand wegens onjuiste vermogensvaststelling na erfenis
Eiser ontving bijstand op grond van de Participatiewet en erfde op 21 juli 2017 een bedrag van €37.350,- van zijn overleden vader. Verweerder trok de bijstand in en vorderde ten onrechte terug over de periode tot en met 13 maart 2018, terwijl eiser het erfdeel gebruikte voor aflossing van schulden.
De rechtbank oordeelt dat de terugvordering terecht aanvankelijk vanaf het moment van overlijden is gestart, maar dat verweerder op de 31ste dag na overlijden een nieuwe vermogensvaststelling had moeten doen, waarbij rekening gehouden moest worden met de schuldenpositie van eiser. Dit is nagelaten, waardoor het besluit onjuist is.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de juiste schuldenpositie. Tevens veroordeelt zij verweerder in de proceskosten van eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het terugvorderingsbesluit wordt vernietigd wegens onjuiste vermogensvaststelling.