Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
1.[eisers], te [plaats] [adres]), eisers sub 1,
2.[eiser], te [plaats] ([adres]), eiser sub 2,
derde-partijheeft aan het geding deelgenomen: [belanghebbende]
Rechtbank Noord-Nederland
Eisers hebben beroep ingesteld tegen een vergunning verleend door het college van gedeputeerde staten van Fryslân aan een vergunninghoudster voor de uitbreiding en verplaatsing van een melkveebedrijf nabij het Natura 2000-gebied Alde Feanen. De vergunning betreft de bouw van een nieuwe ligboxenstal en jongveestal. Eisers stelden zich op het standpunt dat zij belanghebbenden waren vanwege mogelijke negatieve effecten op hun leefomgeving.
De rechtbank overweegt dat de Wet natuurbescherming (Wnb) en de Habitat-richtlijn primair het algemene belang van natuurbehoud beschermen. Voor het aannemen van belanghebbendheid moet er een duidelijke verwevenheid zijn tussen het individuele belang van eisers en het algemene natuurbelang. Gelet op de afstand van circa 19 kilometer tussen de woningen van eisers en het Natura 2000-gebied, is die verwevenheid onvoldoende aanwezig.
Daarom oordeelt de rechtbank dat eisers niet als belanghebbenden in de zin van artikel 1:2, eerste lid, Awb kunnen worden aangemerkt. Hierdoor zijn de beroepen niet-ontvankelijk verklaard. De uitspraak is gedaan door rechter R.L. Vucsán op 24 mei 2019. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: De beroepen van eisers worden niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van belanghebbendheid.