Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen een besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Noordenveld waarin twee lasten onder dwangsom zijn opgelegd wegens het zonder omgevingsvergunning bouwen van sleufsilo's en het gebruik van een perceel met woonbestemming voor bedrijfsactiviteiten van een hoveniersbedrijf.
De voorzieningenrechter oordeelt dat sprake is van overtredingen van artikel 2.1 van de Wabo en de Beheersverordening, aangezien de sleufsilo's vergunningplichtige bouwwerken zijn en het gebruik van het perceel niet is toegestaan binnen de woonbestemming. De eerder door verweerder genomen gedoogbeslissing is ingetrokken en heeft geen bindende werking.
Verzoeker heeft geen concrete aanwijzingen geleverd dat legalisatie mogelijk is, noch bijzondere omstandigheden die handhaving zouden rechtvaardigen achterwege te laten. De begunstigingstermijn tot 1 mei 2021 wordt niet onredelijk geacht. De hoogte van de dwangsommen wordt als proportioneel beoordeeld. Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen.