ECLI:NL:RBNNE:2021:1868
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs witwassen bankpas en geldbedrag
De rechtbank Noord-Nederland heeft op 10 mei 2021 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte die werd verdacht van witwassen van een geldbedrag van 500 euro en het gebruik van een bankpas. Het onderzoek richtte zich op verdachte contante geldopnames en het gebruik van bankrekeningen die vermoedelijk werden gebruikt voor het witwassen van geld afkomstig uit oplichting.
De officier van justitie vorderde een taakstraf van 30 uur voor medeplegen van witwassen met betrekking tot de bankpas, maar vroeg vrijspraak voor het geldbedrag. Verdachte verklaarde dat hij geld had opgenomen, maar niet wist dat dit strafbaar was.
De rechtbank oordeelde dat het primair en subsidiair ten laste gelegde niet wettig en overtuigend was bewezen. Het geldbedrag kon mogelijk een legale herkomst hebben, en er was geen bewijs dat de bankpas afkomstig was van een misdrijf. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlasteleggingen.
De uitspraak werd gewezen door de meervoudige kamer van de Noordelijke Fraudekamer, waarbij het onderzoek en de bewijsvoering uitvoerig werden besproken, en verwezen werd naar jurisprudentie van de Hoge Raad.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van witwassen wegens onvoldoende bewijs dat geld en bankpas afkomstig waren uit enig misdrijf.