Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Bewezenverklaring, bewijsvoering en kwalificatie
3.Beoordeling van het middel
- onmiddellijk of middellijk - afkomstig is uit enig misdrijf.
4.Slotsom
5.Beslissing
13 maart 2018.
Hoge Raad
De zaak betreft een verdachte die werd veroordeeld voor gewoontewitwassen en deelneming aan een misdadige organisatie in verband met het begeleiden van illegale goudtransporten vanuit Venezuela naar Aruba en Curaçao. Het Hof had geoordeeld dat de baren goud afkomstig waren uit enig misdrijf omdat de export zonder vergunning en met vervalste documenten plaatsvond, en dat verdachte wist van de strafbaarheid.
De Hoge Raad herhaalt dat voorwerpen slechts als uit enig misdrijf afkomstig kunnen worden aangemerkt indien zij afkomstig zijn uit een voorafgaand gepleegd misdrijf. Het enkel plegen van een misdrijf met betrekking tot de voorwerpen maakt ze niet automatisch afkomstig uit een misdrijf. Het Hof had alleen vastgesteld dat het goud uit Venezuela kwam, maar niet dat het zelf uit een misdrijf afkomstig was.
Daarom is het oordeel van het Hof dat de goudbaren uit enig misdrijf afkomstig waren onvoldoende gemotiveerd. De Hoge Raad vernietigt het vonnis en verwijst de zaak terug naar het Gemeenschappelijk Hof van Justitie voor hernieuwde berechting op het bestaande hoger beroep.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt het vonnis en verwijst de zaak terug voor hernieuwde berechting wegens onvoldoende motivering over de herkomst van het goud als uit enig misdrijf afkomstig.