Uitspraak
gevraagdom telefoonabonnementen af te sluiten en haar bankrekening beschikbaar te stellen, hetgeen niet te rijmen valt met een bewezenverklaring van een gedwongen dienstverlening.
gedraging(bij sub 1 onder andere werven, bij sub 4 het dwingen/bewegen zich beschikbaar stellen voor het verrichten van arbeid of diensten, bij sub 6 en 9 voordeel trekken) beschreven. In het geval van sub 1, 4 en 6 is vereist dat verdachte daarbij gebruik heeft gemaakt van een
dwangmiddel(dwang, (dreiging met) geweld, (dreiging met) een andere feitelijkheid, afpersing, fraude, misleiding, misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en/of misbruik van een kwetsbare positie). Er dient een causaal verband te bestaan tussen het gebruik van het dwangmiddel en de gedraging. Ten aanzien van alle ten laste gelegde sub-onderdelen geldt dat sprake dient te zijn van
(oogmerk van) uitbuiting.
De rechtbank spreekt verdachte daarom integraal vrij van dit feit, wegens gebrek aan bewijs.
parketnummer 18/850091-17de feiten 1 primair, 2, 3, 5, 7 en 8 wettig en overtuigend bewezen, met dien verstande dat:
parketnummer 18/850124-19de feiten 1 subsidiair, 5, 6, 7, 8, 9, 10, 11, 12 subsidiair, 13, 14 primair en 15 primair wettig en overtuigend bewezen, met dien verstande dat:
In het geval van de (poging tot) mensenhandel, de mishandelingen, de bedreigingen, de afpersing, de identiteitsfraude en het verschaffen van een valse bankpas was het slachtoffer telkens een jonge vrouw met wie verdachte een seksuele relatie had.
1. [slachtoffer 1] , tot een bedrag van € 89.727,99 ter zake van materiële schade en
2. [slachtoffer 2] , tot een bedrag van € 5.684,36 ter vergoeding van materiële schade en
3. [slachtoffer 9] , tot een bedrag van € 1.267,96 ter vergoeding van materiële schade en € 4.000,00 ter vergoeding van immateriële schade, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de datum waarop de schade is ontstaan.
4.[benadeelde partij 4]
5.en 6. [benadeelde partij 2] en [benadeelde partij 3]
Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij ten tijde van het bewezen verklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van deze uitspraak gelden.
[slachtoffer 1]toe tot na te melden bedrag en veroordeelt verdachte tot betaling aan deze benadeelde partij van een bedrag van € 24.823,31 (zegge: vierentwintigduizendachtonderddrieëntwintig euro en eenendertig eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 9 november 2017.
[slachtoffer 2]niet ontvankelijk.
[slachtoffer 9]toe tot na te melden bedrag en veroordeelt verdachte tot betaling aan deze benadeelde partij van een bedrag van € 2.020,00 (zegge: tweeduizendtwintig euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 11 december 2019.
[benadeelde partij 4]af.
[benadeelde partij 2]en
[benadeelde partij 3]niet ontvankelijk.