ECLI:NL:RBNNE:2022:2357
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Waardering van camping met stacaravans volgens Wet WOZ en OCF-methode
De rechtbank Noord-Nederland behandelde een geschil over de WOZ-waardering van een recreatieterrein met een camping waarop vaste gasten 141 stacaravans hebben geplaatst. De kern van het geschil betrof de waardering van deze stacaravans binnen de waarderingsmethodiek Operational Cash Flow (OCF) volgens de Wet WOZ.
Verweerder had de waarde vastgesteld op circa €2.775.000 en €2.777.000 voor respectievelijk 2018 en 2019, waarbij werd uitgegaan van een weekverhuur aan wisselende gasten. Eiser stelde een aanzienlijk lagere waarde voor, gebaseerd op jaarplaatsen zonder stacaravan. De rechtbank oordeelde dat de stacaravans civielrechtelijk eigendom van eiser zijn door natrekking en dus in de waardering moeten worden meegenomen.
De rechtbank verwierp het uitgangspunt van verweerder dat de stacaravans kortdurend worden verhuurd en ook het standpunt van eiser dat alleen de grondwaarde van jaarplaatsen moet worden gewaardeerd. Omdat geen geobjectiveerd tarief voor langdurige verhuur van plaats en stacaravan beschikbaar was in de Taxatiewijzers Recreatie, kon de rechtbank de waarde niet exact bepalen volgens de OCF-methode.
Uiteindelijk stelde de rechtbank de waarde van de onroerende zaak schattenderwijs vast op €2.100.000 voor beide jaren, verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de eerdere besluiten en veroordeelde verweerder tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: De WOZ-waarde van de camping met stacaravans wordt vastgesteld op €2.100.000 voor 2018 en 2019, eerdere besluiten worden vernietigd.