ECLI:NL:RBNNE:2022:2821
Rechtbank Noord-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening sluiting woning op grond van Opiumwet
De voorzieningenrechter van de Rechtbank Noord-Nederland heeft op 4 augustus 2022 het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen. Verzoeker had bezwaar gemaakt tegen het besluit van de burgemeester van Meppel om zijn woning voor drie maanden te sluiten op grond van artikel 13b van de Opiumwet.
In de woning werd 0,58 gram cocaïne aangetroffen, wat als een handelshoeveelheid wordt beschouwd, zij het een kleine overschrijding. Daarnaast werden diverse chemische middelen gevonden die gebruikt kunnen worden bij de productie van drugs, waaronder een grote hoeveelheid van het versnijdingsmiddel levasimol. Dit rechtvaardigt de bevoegdheid van de burgemeester om de woning te sluiten.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de sluiting een geschikt en noodzakelijk middel is om de woning aan het drugscircuit te onttrekken en daarmee het woon- en leefklimaat en de openbare orde te beschermen. Hoewel de woning al geruime tijd niet bewoond wordt en verzoeker mogelijk terugkeert uit Iran, is de korte duur van drie maanden proportioneel.
De belangenafweging wees uit dat het algemeen belang bij sluiting zwaarder weegt dan het belang van verzoeker om in de woning te verblijven. Er is geen aanleiding voor vergoeding van griffierecht of proceskostenveroordeling. De uitspraak is in het openbaar gedaan door voorzieningenrechter F. Sijens en griffier H.A. Hulst.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de sluiting van de woning wordt afgewezen.