ECLI:NL:RBNNE:2022:3118
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte en afwijzing vordering ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel
In deze strafzaak van de Rechtbank Noord-Nederland stond verdachte terecht voor feiten die verband houden met een omvangrijke drugshandel en witwassen. De officier van justitie vorderde op 8 maart 2021 ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ter hoogte van €109.346. De behandeling vond plaats tijdens meerdere zittingen op 22 maart, 13 april en 19 mei 2022.
De raadsman voerde verweer en verzocht om afwijzing of matiging van de vordering. De rechtbank oordeelde uiteindelijk dat verdachte vrijgesproken moest worden van het ten laste gelegde feit. Hierdoor kon niet worden vastgesteld dat verdachte wederrechtelijk voordeel had verkregen.
De rechtbank wees daarom de vordering van de officier van justitie tot ontneming af. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer op 17 augustus 2022 in Leeuwarden.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken en de vordering tot ontneming van €109.346 is afgewezen.