Uitspraak
1.Het procesverloop
2.2. De feiten
3.Het verzoek
4.Het verweer namens moeder
5.Het standpunt van belanghebbenden
Ten aanzien van [minderjarige] heeft moeder aangevoerd dat hij al vier jaar in zijn pleeggezin is en het daar goed heeft. Moeder vindt het voor [minderjarige] heel belangrijk dat hij in het huidige pleeggezin blijft en opgroeit. Moeder wil [minderjarige] niet uit zijn veilige omgeving halen. Zij wil wel hulp zodat [minderjarige] uiteindelijk af en toe een weekend of een week in de zomer bij haar kan slapen.
Pleegouders kunnen zich helemaal vinden in het verzoek van de Raad. De onstabiliteit van moeder en haar dreiging richting pleegouders heeft voor veel onrust gezorgd. De GI was eerst niet van plan om [minderjarige] terug te plaatsen bij pleegouders, omdat er ineens twijfel over pleegouders ontstond. Pleegouders hebben het idee dat hun positie op het spel staat, zeker nu er ook nog een onderzoek naar hen gedaan gaat worden.
6.De beoordeling
7.De beslissing
Arnhem-Leeuwarden.