Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 14 april 2023 in de zaak tussen
[eiser], uit Leeuwarden, eiser
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
.Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.
Rechtbank Noord-Nederland
Eiser heeft beroep ingesteld tegen de omgevingsvergunning die het college van burgemeester en wethouders van Leeuwarden aan vergunninghouder heeft verleend voor het plaatsen van een opbouw op een voormalige garage aan een woning in Leeuwarden. Hij stelde dat de vergunning op foutieve of onvolledige tekeningen was gebaseerd en dat het college onvoldoende rekening had gehouden met privacy, schaduwberekeningen en financiële gevolgen.
De rechtbank oordeelt dat het college terecht heeft vastgesteld dat de bouwtekeningen voldoende waren voor de beoordeling van de aanvraag en dat de veranda die eiser aanvoerde pas na vergunningverlening is gerealiseerd. Verder is vastgesteld dat het bouwplan niet in strijd is met de limitatief opgesomde weigeringsgronden in artikel 2.10 Wabo, waardoor sprake is van een gebonden beschikking. Hierdoor was het college verplicht de vergunning te verlenen zonder belangenafweging.
Ook het bezwaar dat het verslag van de hoorzitting onvolledig zou zijn, slaagt niet omdat eiser dit niet aannemelijk heeft gemaakt. De rechtbank concludeert dat het beroep ongegrond is, het college de vergunning terecht heeft verleend en eiser geen proceskostenvergoeding ontvangt.
Uitkomst: Het beroep van eiser is ongegrond verklaard en het college heeft de omgevingsvergunning terecht verleend.