ECLI:NL:RBNNE:2023:2893
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde vrijstaande woning en bewijs iWOZ-rapporten
Eiser is eigenaar van een vrijstaande woning uit 1970 met een gebruiksoppervlak van 234 m² op een perceel van 2.170 m². De heffingsambtenaar stelde de WOZ-waarde per 1 januari 2021 vast op €274.000, wat eiser betwistte en een lagere waarde van €243.000 bepleitte.
De rechtbank oordeelt dat de heffingsambtenaar met een waardematrix gebaseerd op drie referentiewoningen, waaronder een vergelijkbare woning in hetzelfde dorp, voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de vastgestelde waarde niet te hoog is. De verschillen in grootte, kwaliteit en ligging zijn naar het oordeel van de rechtbank adequaat meegewogen.
Eiser stelde dat de iWOZ-rapporten van de referentiewoningen overgelegd hadden moeten worden, maar de rechtbank concludeert dat het ontbreken van deze rapporten niet tot nadeel van eiser leidt, mede omdat eiser over de objectkenmerken beschikte en zelf de referentiewoningen aandroeg.
Ook het standpunt dat verschillende grondprijzen onjuist zijn toegepast, wordt verworpen omdat de heffingsambtenaar aannemelijk maakte dat grondprijzen variëren met afstand tot de provinciehoofdstad. Het beroep wordt ongegrond verklaard en eiser krijgt het griffierecht niet terug.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van €274.000 wordt ongegrond verklaard.