ECLI:NL:RBNNE:2023:3616
Rechtbank Noord-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening inzake voorschot schadevergoeding voor juridische bijstand
Verzoeker heeft de rechtbank verzocht om een voorlopige voorziening te treffen waarbij hij een voorschot op een toe te kennen schadevergoeding ontvangt om juridische bijstand te kunnen bekostigen. Hij stelt dat zijn verzoek om schadevergoeding op 21 september 2023 zal worden behandeld en dat hij zelf niet over voldoende financiële middelen beschikt.
De verweerder, het UWV, betwist het spoedeisend belang en wijst erop dat verzoeker een arbeidsongeschiktheidsuitkering ontvangt en dat er geen acute noodsituatie is. De voorzieningenrechter oordeelt dat een financieel belang op zichzelf geen reden is voor een voorlopige voorziening, tenzij sprake is van een acute financiële noodsituatie, wat hier niet is aangetoond.
Verder merkt de voorzieningenrechter op dat een voorlopige voorziening alleen kan worden toegekend indien het evident is dat verzoeker recht heeft op schadevergoeding, wat niet het geval is gezien de betwisting door verweerder en de complexiteit van de procedure.
Daarom wordt het verzoek afgewezen. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening voor een voorschot op schadevergoeding wordt afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend belang.