ECLI:NL:RBNNE:2023:4898
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Ontnemingsbeslissing wegens dealen van cocaïne met vaststelling wederrechtelijk verkregen voordeel
De rechtbank Noord-Nederland heeft op 28 november 2023 een ontnemingsbeslissing genomen tegen veroordeelde, die eerder is veroordeeld voor het aanwezig hebben van MDMA en cocaïne. De officier van justitie vorderde dat het wederrechtelijk verkregen voordeel zou worden vastgesteld en ontnomen.
De rechtbank baseerde de schatting van het voordeel op de verklaring van veroordeelde zelf, die toegaf een half jaar drugs te hebben verkocht om zijn verslaving te financieren en daarmee tussen de 8.000 en 9.000 euro te hebben verdiend. Dit werd ondersteund door een proces-verbaal van bevindingen. De verdediging voerde aan dat het bedrag te hoog was en dat het gezinsinkomen en de relatie van veroordeelde hierdoor zouden lijden, maar de rechtbank vond deze omstandigheden niet zwaarwegend genoeg om de vordering af te wijzen.
De rechtbank stelde het bedrag van het wederrechtelijk verkregen voordeel vast op €8.000 en legde veroordeelde de verplichting op dit bedrag aan de staat te betalen. Tevens werd de maximale duur van gijzeling vastgesteld op 160 dagen. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer en uitgesproken in een openbare zitting.
Uitkomst: Veroordeelde is verplicht tot betaling van €8.000 aan de staat ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel.