Uitspraak
Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
[verdachte] ,
Procesverloop
Het standpunt van de officier van justitie
Het standpunt van de verdediging
Bewijsmiddelen
Beoordeling
27.258,00.
52.850,00.
Rechtbank Noord-Nederland
De rechtbank Noord-Nederland behandelde op 18 december 2023 een vordering van de officier van justitie tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel van veroordeelde, die eerder is veroordeeld voor betrokkenheid bij drugstransporten van heroïne en cocaïne en het plegen van witwassen.
De rechtbank baseerde haar berekening op een rapport waarin het voordeel uit drugstransporten werd geschat op €80.108,- en het voordeel uit witwassen op €160.462,-. Deze bedragen werden vastgesteld na een zorgvuldige analyse van de opbrengsten, kosten en verdeling van het voordeel tussen betrokkenen. De totale som van het wederrechtelijk verkregen voordeel werd vastgesteld op €240.570,-.
Daarnaast oordeelde de rechtbank dat er sprake was van een overschrijding van de redelijke termijn met ruim twaalf maanden, waardoor de betalingsverplichting met €5.000 werd verminderd. De rechtbank legde veroordeelde de verplichting op om het bedrag van €235.570,- aan de Staat te betalen ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel.
De uitspraak werd gewezen door de meervoudige kamer, waarbij mr. T.M.L. Veen niet kon ondertekenen. De zaak betreft een vervolg op een eerdere veroordeling van 30 november 2022, waarin veroordeelde werd veroordeeld voor medeplegen van drugshandel en witwassen.
Uitkomst: Veroordeelde is verplicht €235.570 te betalen aan de Staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel, verminderd wegens termijnoverschrijding.