Uitspraak
derde-partijheeft aan het geding deelgenomen: [vergunninghoudster], gevestigd te [plaats], vergunninghoudster,
Rechtbank Noord-Nederland
De rechtbank Noord-Nederland heeft op 18 januari 2024 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak over de watervergunning voor het lozen van stoffen afkomstig van een vergistingsinstallatie op de Energiecampus te Leeuwarden. De vergunning werd verleend door het dagelijks bestuur van Wetterskip Fryslân, maar eiseres betwistte de vergunning op diverse gronden, waaronder het ontbreken van adequate lozingsnormen en onvoldoende onderzoek naar de milieueffecten.
De rechtbank stelde vast dat de omgekeerde osmose-installatie weliswaar een hoog verwijderingsrendement heeft, maar dat niet is aangetoond dat er geen schadelijke resten van vee-medicatie, pathogenen en hormoonverstorende stoffen in het oppervlaktewater terechtkomen. Ook ontbraken lozingsnormen voor ammoniak, koper, chloride en sulfaat, en was de motivering van het besluit ondeugdelijk. De aanwezigheid van een buffer werd niet als een gegrond bezwaar beschouwd.
Daarnaast werd vastgesteld dat de procedure ruim twee jaar heeft geduurd, wat de redelijke termijn overschrijdt. Daarom werd aan zowel eiseres als vergunninghoudster een schadevergoeding toegekend. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en beval het bestuursorgaan om opnieuw te beslissen met inachtneming van de overwegingen in deze uitspraak.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder dient opnieuw te beslissen met inachtneming van de uitspraak; schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn wordt toegekend.