De rechtbank Noord-Nederland heeft op 19 juli 2024 een man veroordeeld voor het telen van 396 hennepplanten in een professioneel ingerichte kwekerij, diefstal van elektriciteit van Liander door illegaal aftappen, en opzetheling van twee fietsen. Verdachte heeft de feiten bekend en de rechtbank acht deze wettig en overtuigend bewezen.
De rechtbank heeft bij de strafoplegging rekening gehouden met de ernst van de feiten, het professionele karakter van de hennepkwekerij, het gevaar van illegale stroomaftapping, en het feit dat verdachte meerdere keren hennep heeft geoogst. Ook is meegewogen dat verdachte niet eerder onherroepelijk is veroordeeld en sindsdien niet meer met justitie in aanraking is gekomen. De overschrijding van de redelijke termijn van berechting leidde tot strafvermindering.
De rechtbank legt een taakstraf van 150 uren op, met een vervangende hechtenis van 75 dagen bij niet-naleving. Daarnaast is verdachte veroordeeld tot betaling van €10.048,67 schadevergoeding aan Liander, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 15 november 2020. De vordering van een andere benadeelde partij is afgewezen wegens gebrek aan rechtstreeks verband met bewezen feiten.
De strafrechtelijke kwalificatie betreft opzettelijk handelen in strijd met de Opiumwet, diefstal met braak, en opzetheling. Verdachte is strafbaar verklaard en vrijgesproken van overige tenlasteleggingen die niet bewezen konden worden.