ECLI:NL:RBNNE:2024:3595
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen vestiging voorkeursrecht op gronden achter sportpark Esserberg te Haren
Eisers hebben beroep ingesteld tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Groningen om een voorkeursrecht te vestigen op gronden achter sportpark Esserberg te Haren, waarvan enkele percelen eigendom zijn van eisers. Zij stellen dat de toegedachte bestemming niet afwijkt van het huidige gebruik, waardoor het voorkeursrecht niet terecht is gevestigd.
De rechtbank overweegt dat het vestigen van het voorkeursrecht gebaseerd is op artikel 5 van Pro de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg), waarbij het uitgangspunt is dat de toegedachte bestemming moet afwijken van het huidige gebruik. Hoewel de bestemming in de loop van de procedure is verschoven van sportvoorzieningen naar meer nadruk op natuur en ecologische verbindingszones, blijft de sportbestemming als (deel)bestemming gehandhaafd. Het huidige gebruik van de gronden, begrazing door Schotse hooglanders, is niet in overeenstemming met de sportbestemming.
Daarnaast is geoordeeld dat verweerder niet verplicht was voorafgaand aan het besluit overleg te plegen met eisers. Dit is inherent aan het doel van het voorkeursrecht, namelijk het voorkomen van prijsopdrijving en grondspeculatie. Het achterwege blijven van overleg vormt geen grond voor vernietiging van het besluit.
De rechtbank concludeert dat verweerder in redelijkheid gebruik heeft gemaakt van zijn bevoegdheid tot vestiging van het voorkeursrecht en verklaart het beroep ongegrond. Eisers krijgen geen vergoeding van proceskosten en het griffierecht wordt niet teruggegeven.
Uitkomst: Het beroep tegen het gevestigde voorkeursrecht wordt ongegrond verklaard.