ECLI:NL:RBNNE:2025:3196
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Omzetting faillissement in wettelijke schuldsaneringsregeling ondanks eerdere Wsnp-beëindiging
De schuldenaar had eerder een verzoek tot toelating tot de Wsnp ingediend dat was beëindigd op verzoek van een schuldeiser wegens schuldeisersbenadeling. Na faillietverklaring en benoeming van curator en rechter-commissaris verzocht de schuldenaar om omzetting van het faillissement in een Wsnp met een eerdere ingangsdatum.
De rechtbank weegt dat strikte toepassing van artikel 15b, derde lid, onder b, Fw zou leiden tot afwijzing van het verzoek vanwege de eerdere Wsnp-beëindiging, maar acht dit onbillijk en niet passend bij de wetswijziging van 1 juli 2023 die een ruimhartiger herkansingsbeleid beoogt. Daarom wordt het verzoek inhoudelijk beoordeeld.
De curator en rechter-commissaris adviseren positief, constateren dat de schuldenaar te goeder trouw is en dat de schuldeisersbenadeling door een vaststellingsovereenkomst is gecompenseerd. De rechtbank oordeelt dat de situatie thans zodanig anders is dat omzetting gerechtvaardigd is.
Het verzoek om een eerdere ingangsdatum van de Wsnp wordt afgewezen omdat aflossingen tijdens faillissement niet gelijkgesteld kunnen worden met buitengerechtelijke schuldregeling en omdat een eerdere ingangsdatum onwenselijk is vanwege het verschil tussen faillissement en Wsnp.
De rechtbank heft het faillissement op, spreekt de Wsnp uit, benoemt een bewindvoerder en rechter-commissaris, en wijst het verzoek om een eerdere ingangsdatum af.
Uitkomst: Het verzoek tot omzetting van faillissement in Wsnp wordt toegewezen, het verzoek om een eerdere ingangsdatum wordt afgewezen.