Uitspraak
RECHTBANK Noord-Nederland
1.De procedure
- de mondelinge behandeling van 30 juli 2025, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt;
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Noord-Nederland
Eiser diende een schademelding in bij TVM voor schade aan zijn bestelbus, die volgens hem was veroorzaakt door een vrachtwagen van een transportbedrijf. TVM betwistte dit en stelde dat eiser bewust fraude pleegde door schade te claimen die al bestond, waarna eiser werd geregistreerd in het Intern en Extern Verwijzingsregister en de verzekering werd opgezegd.
Eiser startte een kort geding om deze registraties ongedaan te maken, de opzegging te herstellen en onderzoekskosten te verbieden. De voorzieningenrechter beoordeelde dat voor opname in het EVR een zwaardere verdenking dan een redelijk vermoeden vereist is, namelijk concrete feiten die een bewezenverklaring in de zin van artikel 350 Sv Pro kunnen dragen.
De rechter concludeerde dat onvoldoende is vastgesteld dat eiser met opzet een onjuiste voorstelling van zaken gaf. De oude schade aan de auto was mogelijk niet bekend bij eiser en TVM had geen technisch onderzoek gedaan. De belangenafweging wees uit dat de gevolgen van onterechte fraudeaanduiding ernstig zijn en het belang van eiser zwaarder weegt dan dat van TVM.
Daarom werd TVM veroordeeld om de registraties ongedaan te maken, de verzekering te herstellen, een rectificatie te sturen aan het Centrum Bestrijding Verzekeringscriminaliteit en proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: TVM wordt veroordeeld tot het ongedaan maken van frauderegistraties en herstel van de verzekeringsovereenkomst.