ECLI:NL:RBNNE:2025:3372
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling herziening definitieve berekening kinderopvangtoeslag en uitleg begrip eerste kind
Deze bestuursrechtelijke uitspraak betreft het beroep van eiseres tegen het herzieningsbesluit van de kinderopvangtoeslag over het jaar 2020. Verweerder heeft het bedrag vastgesteld op €4.483,- waarbij het begrip 'eerste kind' uit artikel 3 van Pro het Besluit kinderopvang is toegepast. Eiseres betwist de uitleg van dit begrip en stelt dat het besluit het gelijkheidsbeginsel en het evenredigheidsbeginsel schendt, omdat ouders met kinderen die om de vier jaar zijn geboren financieel worden benadeeld ten opzichte van ouders met kinderen die dichter op elkaar zijn geboren.
De rechtbank overweegt dat het gelijkheidsbeginsel niet is geschonden omdat er geen sprake is van gelijke gevallen die ongelijk worden behandeld; de wet maakt bewust onderscheid tussen ouders met kinderen die vlak na elkaar zijn geboren en ouders met kinderen die dat niet zijn. Ook het beroep op het evenredigheidsbeginsel wordt verworpen, omdat de wetgever een bewuste keuze heeft gemaakt om het eerste kind, het kind met de meeste opvanguren, de laagste tegemoetkoming toe te kennen en daarmee de compensatie af te stemmen op de feitelijke kosten en inkomenssituatie.
De rechtbank concludeert dat het bestreden besluit niet onrechtmatig is en verklaart het beroep ongegrond. Eiseres krijgt geen vergoeding van proceskosten en het griffierecht wordt niet teruggegeven. De uitspraak is gedaan door rechter A.S. Broere op 30 juli 2025.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen het herzieningsbesluit kinderopvangtoeslag 2020 wordt ongegrond verklaard.