Aan betrokkene werd een boete van €429 opgelegd wegens het niet verzekeren van een bromfiets op 27 juli 2023. Betrokkene erkende de gedraging, maar gaf aan dat de bromfiets twee dagen na constatering alsnog was geschorst en verzekerd. De scooter was eerst van haar ex-partner, die de verzekering had opgezegd zonder haar te informeren, en stond defect in de schuur.
De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond, maar de kantonrechter matigde de boete met 50% tot €219 vanwege de snelle verzekering na de controle. Tevens werd de officier van justitie veroordeeld in de proceskosten van €113,38 die betrokkene maakte bij de beroepsfase bij de kantonrechter.
De kantonrechter oordeelde dat er geen sprake was van onrechtmatigheid van het bestuursorgaan die het matigen van de sanctie zou rechtvaardigen. De beslissing van de officier van justitie werd vernietigd en de sanctie aangepast. Betrokkene krijgt het teveel betaalde bedrag terug. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.