ECLI:NL:RBNNE:2025:4720
Rechtbank Noord-Nederland
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Teruggave calamiteitenrapport wegens toepassing Wkkgz en ontbreken uitzonderingssituatie
Stichting GGD Drenthe maakte bezwaar tegen de inbeslagneming van een calamiteitenrapport dat is opgesteld naar aanleiding van een onderzoek naar het overlijden van een kind. De officier van justitie vorderde dit rapport in het kader van een strafrechtelijk onderzoek. De rechtbank beoordeelde of het calamiteitenrapport, waarop de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz) van toepassing is, gebruikt mag worden voor strafrechtelijk bewijs.
De rechtbank stelde vast dat het calamiteitenrapport primair bedoeld is voor intern onderzoek en kwaliteitsverbetering binnen de zorg en dat het verschoningsrecht van toepassing is. Volgens artikel 9 lid 6 Wkkgz Pro mag een dergelijk rapport niet als bewijs in strafrechtelijke procedures worden gebruikt, tenzij de gegevens niet op een andere manier verkregen kunnen worden. De rechtbank vond dat het Openbaar Ministerie onvoldoende alternatieve opsporingsonderzoeken had verricht en dat de gevorderde gegevens ook via minder ingrijpende wegen verkregen konden worden.
Daarom werd het klaagschrift gegrond verklaard en werd de teruggave van het calamiteitenrapport aan GGD Drenthe bevolen. De rechtbank benadrukte het belang van een veilig meldsysteem voor incidenten in de zorg en de noodzaak om het verschoningsrecht te respecteren, tenzij uitzonderlijke omstandigheden dit rechtvaardigen.
Tegen deze beslissing staat beroep in cassatie open voor het Openbaar Ministerie.
Uitkomst: Het klaagschrift wordt gegrond verklaard en het calamiteitenrapport wordt teruggegeven aan GGD Drenthe.