ECLI:NL:RBNNE:2025:5009
Rechtbank Noord-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek om voorlopige voorziening tegen heffingsbesluiten van de staatssecretaris aan de NAM door aandeelhouders Exxon en Shell
In deze uitspraak van de voorzieningenrechter van de Rechtbank Noord-Nederland op 8 december 2025, wordt het verzoek om een voorlopige voorziening van ExxonMobil Holding Company Holland LLC en Shell Nederland B.V. afgewezen. De aandeelhouders komen in verzet tegen heffingsbesluiten van de staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, die de Nederlandse Aardoliemaatschappij B.V. (NAM) een totaalbedrag van 1,3 miljard euro aan heffingen heeft opgelegd. De voorzieningenrechter oordeelt dat de verzoekers geen spoedeisend belang hebben en dat er geen sprake is van evidente onrechtmatige besluiten. De voorzieningenrechter wijst erop dat de NAM zelf ook bezwaar heeft gemaakt tegen de heffingsbesluiten en dat het verzoek van de aandeelhouders kennelijk ongegrond is. De voorzieningenrechter legt uit dat er geen onomkeerbare situatie dreigt en dat de heffingsbesluiten voldoende gemotiveerd zijn. De uitspraak heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank niet in een eventueel bodemgeding. De beslissing om het verzoek af te wijzen is genomen zonder zitting, op basis van artikel 8:83 van de Algemene wet bestuursrecht.