Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBNNE:2025:5192

Rechtbank Noord-Nederland

Datum uitspraak
23 september 2025
Publicatiedatum
17 december 2025
Zaaknummer
11525799 BU VERZ 25-170
Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Mondelinge uitspraak
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 13a WahvWet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging boete parkeren zonder parkeerschijf bij blauwe streep wegens onvoldoende bewijs

Aan betrokkene is een boete opgelegd wegens parkeren bij een blauwe streep zonder parkeerschijf op 6 december 2023 in Leeuwarden. Betrokkene stelde beroep in tegen de boete, dat door de officier van justitie ongegrond werd verklaard. Vervolgens werd beroep ingesteld bij de kantonrechter.

Tijdens de zitting op 23 september 2025 werd door de gemachtigde van betrokkene aangevoerd dat de overtreding niet vaststaat omdat de parkeerplaats voor het huis van een vriend was en er geen blauwe streep was waargenomen. Tevens werd gesteld dat de informatieplicht was geschonden omdat geen zaakoverzicht was ontvangen, en dat de verbalisant de overtreding onvoldoende had onderbouwd. De verbalisant kon geen aanvullende gegevens zoals pardontijd en foto’s verstrekken.

De officier van justitie sloot zich aan bij het verzoek tot vernietiging van de boete. De kantonrechter oordeelde dat de overtreding niet kon worden vastgesteld en vernietigde de boete. Tevens werden de proceskosten van betrokkene aan de officier van justitie opgelegd. De kantonrechter verklaarde zich onbevoegd over de wijze van uitbetaling van het terug te ontvangen bedrag.

Uitkomst: De boete voor parkeren zonder parkeerschijf bij blauwe streep wordt vernietigd wegens onvoldoende bewijs.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Zittingsplaats Leeuwarden
Bestuursrecht
beschikkingsnummer: 262958183
zaaknummer: 11525799 BU VERZ 25-170
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak gedaan op de openbare zitting van 23 september 2025
in de zaak van

[betrokkene] (de betrokkene),

die woont in [woonplaats] ,
gemachtigde: mr. M. Lagas, Appjection B.V..

Inleiding

1. Aan betrokkene is een boete opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De verkeersovertreding waarvoor de boete is opgelegd is: ‘motorvoertuig op meer dan twee wielen parkeren bij blauwe streep terwijl niet is voorzien van een duidelijke geplaatste parkeerschijf’, verricht op 6 december 2023, om 09:36 uur, op de Hoekstersingel in Leeuwarden, met een personenauto, met kenteken [kenteken] . De opgelegde boete bedraagt € 119,00 (inclusief administratiekosten).
1.1.
Betrokkene heeft tegen de boete beroep ingesteld bij de officier van justitie. Deze heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
1.2.
De kantonrechter heeft het beroep op 23 september 2025 op de zitting behandeld. Daarbij was aanwezig als vertegenwoordigster van de officier van justitie mr. P. Veenstra.
1.3
Na afloop van de behandeling op de zitting heeft de kantonrechter onmiddellijk uitspraak gedaan.

Beoordeling door de kantonrechter

Beslissing

2. De kantonrechter beoordeelt het beroep aan de hand van de beroepsgronden van betrokkene. Hij oordeelt dat het beroep gegrond is en zal de boete vernietigen. De kantonrechter zal hierna uitleggen waarom hij dat doet.
Standpunten
3. Betrokkene voert aan dat de parkeerplaats vóór het huis van een vriend was en dat hij daar geen blauwe streep heeft gezien. Daarnaast voert gemachtigde aan dat de informatieplicht is geschonden, omdat hij geen zaakoverzicht heeft ontvangen van de officier van justitie. Verder voert hij aan dat de boete moet worden vernietigd omdat de verbalisant de overtreding niet voldoende heeft onderbouwd. In het zaakoverzicht ontbreken gegevens, zoals de pardontijd en de foto’s. De verbalisant kan hier geen duidelijkheid meer over geven. Gemachtigde vraagt om het verzoek van de verbalisant in het aanvullend proces-verbaal om de boete te seponeren te honoreren.
4. De vertegenwoordigster stelt zich ook op het standpunt dat de boete vernietigd moet worden. De ambtenaar heeft gevraagd of de boete geseponeerd kan worden. Als de opleggende instantie wil dat de boete vernietigd wordt, moet zij zich daarbij aansluiten.
Overwegingen
5. Betrokkene betwist de verkeersovertreding. In zaken op grond van de Wahv is de verklaring van de verbalisant in het zaakoverzicht in beginsel voldoende voor het vaststellen van de verkeersovertreding, tenzij concrete omstandigheden worden aangevoerd die aanleiding geven tot twijfel.
6. De verkeersovertreding kan niet worden vastgesteld. De instantie die de boete heeft opgelegd heeft gevraagd om de boete te vernietigen, omdat zij geen aanvullend proces-verbaal kon opstellen. De kantonrechter zal daarom de boete vernietigen.
7. Omdat de kantonrechter het beroep gegrond zal verklaren, zal hij de officier van justitie veroordelen in de proceskosten van betrokkene. Hij zal één punt toekennen met een waarde van € 647,00 voor het indienen van het administratief beroepschrift en één punt toekennen voor het indienen van het beroepschrift bij de kantonrechter met een waarde van € 907,00. Het Besluit proceskosten bestuursrecht kent geen punt toe aan het bijwonen van een telefonisch hoorzitting. De kantonrechter ziet in dit geval echter aanleiding om ook een halve punt toe te kennen voor de telefonische hoorzitting. Gelet op de aard van de zaak past hij de wegingsfactor 0,5 (gewicht van de zaak = licht) toe. Op 24 juni 2025 heeft de Hoge Raad geoordeeld dat de extra vermenigvuldigingsfactor uit artikel 13a, tweede lid, van de Wahv toelaatbaar is. [1] Deze vermenigvuldigingsfactor is van toepassing op beslissingen en uitspraken na 1 januari 2024. Daarom past de kantonrechter de vermenigvuldigingsfactor van 0,25 toe bij de berekening van de proceskosten. Hij zal de officier van justitie veroordelen in de kosten van € 234,69
(€ 647,00 x 1,5 x 0,5 x 0,25 + 907,00 x 0,5 x 0,25).
8. Artikel 13a, vijfde lid, van de Wahv regelt dat uitbetalingen op grond van een uitspraak op beroep op grond van deze wet uitsluitend plaatsvinden op een bankrekening die op naam staat van degene aan wie de boete is opgelegd. Gelet op de jurisprudentie is de kantonrechter niet bevoegd om over deze feitelijke uitvoering van zijn beslissing een oordeel te geven. [2]

Conclusie

De kantonrechter:
  • verklaart het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie gegrond;
  • vernietigt die beslissing;
  • verklaart het beroep tegen de inleidende beschikking gegrond;
  • vernietigt die inleidende beschikking;
  • bepaalt dat betrokkene het bedrag van de zekerheidstelling terugkrijgt;
  • veroordeelt de officier van justitie in de proceskosten van betrokkene van € 234,69;
  • verklaart zich onbevoegd om te oordelen over de wijze van uitbetalen.
Waarvan proces-verbaal,
mr. M. Hidding, griffier, is verhinderd om mr. P.G. Wijtsma, kantonrechter
dit proces-verbaal te tekenen.

Rechtsmiddel

Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het
gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:
a. de u opgelegde administratieve boete meer dan € 110,00 bedraagt, of
b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld.
Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.
De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd.

Voetnoten

1.HR 24 juni 2025, ECLI:NL:HR:2025:985.
2.Hof Arnhem-Leeuwarden 17 juni 2024, ECLI:NL:GHARL:2024:4051.