ECLI:NL:RBNNE:2025:5196
Rechtbank Noord-Nederland
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen opgelegde boete wegens snelheidsovertreding op basis van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften
In deze zaak heeft de kantonrechter op 22 oktober 2025 uitspraak gedaan over een beroep tegen een boete die aan de betrokkene was opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De boete van € 124,00 was opgelegd wegens een snelheidsovertreding van 12 km per uur boven de toegestane snelheid op een weg buiten de bebouwde kom, gepleegd op 24 november 2023. De betrokkene heeft tegen de boete beroep ingesteld bij de officier van justitie, die het beroep ongegrond verklaarde. Hierna heeft de betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
Tijdens de zitting was de gemachtigde van de betrokkene, mr. M. Lagas van Appjection B.V., aanwezig, evenals de vertegenwoordiger van de officier van justitie, mr. R. van der Velde. De gemachtigde voerde aan dat er geen bewijs was van de geldigheid van de meetapparatuur, omdat er geen ijkrapport aanwezig was. De kantonrechter heeft echter geoordeeld dat de verklaring van de verbalisant voldoende was om de verkeersovertreding vast te stellen, ondanks dat deze niet op ambtseed was afgelegd. De kantonrechter concludeerde dat de meting correct was uitgevoerd en dat er geen aanleiding was om te twijfelen aan de betrouwbaarheid van de meting.
De kantonrechter heeft het beroep ongegrond verklaard, omdat de betrokkene onvoldoende concrete omstandigheden had aangevoerd die aanleiding gaven tot twijfel aan de meting. De kantonrechter heeft de argumenten van de gemachtigde niet overtuigend genoeg bevonden om de boete te matigen of te vernietigen. De uitspraak is gedaan door de kantonrechter V.A.G. van Dijk, met S.N. Noordenbos als griffier.