ECLI:NL:RBNNE:2025:5832

Rechtbank Noord-Nederland

Datum uitspraak
26 november 2025
Publicatiedatum
4 februari 2026
Zaaknummer
11567732 BU VERZ 25-420
Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Mondelinge uitspraak
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep tegen boete voor stilstaan op trottoir in Groningen ongegrond verklaard

Aan betrokkene is een boete opgelegd wegens stilstaan op het trottoir aan de Toxopeusstraat in Groningen op 12 februari 2024. Betrokkene stelde dat door werkzaamheden aan de Van Heemskerckstraat geen parkeerplek beschikbaar was en dat het niet duidelijk was dat het een trottoir betrof.

De kantonrechter oordeelde dat de verkeersovertreding vaststaat en dat de combinatie van een grijze trottoirband, afwijkend klinkerpatroon en lantaarnpalen voldoende duidelijk maakt dat het een trottoir betreft. Het feit dat andere voertuigen ook op het trottoir stonden, doet hieraan niet af.

De kantonrechter zag geen reden om de boete te matigen of te vernietigen en verklaarde het beroep ongegrond. De uitspraak werd mondeling gedaan op 26 november 2025 in Groningen.

Uitkomst: Het beroep tegen de boete voor stilstaan op het trottoir wordt ongegrond verklaard en de boete blijft van kracht.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Zittingsplaats
Bestuursrecht
beschikkingsnummer: 264343237
zaaknummer: 11567732 BU VERZ 25-420
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak gedaan op de openbare zitting van 26 november 2025
in de zaak van

[betrokkene] (de betrokkene),

die woont in [woonplaats] .

Inleiding

1. Aan betrokkene is een boete opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De verkeersovertreding waarvoor de boete is opgelegd is: ‘stilstaan op het trottoir, voetpad, fietspad, fiets/bromfietspad of het ruiterpad (niet de rijbaan gebruiken)’, verricht op 12 februari 2024, om 11:14 uur, op de Toxopeusstraat in Groningen, met een personenauto, met kenteken [kenteken] . De opgelegde boete bedraagt € 119,00 (inclusief administratiekosten).
1.1.
Betrokkene heeft tegen de boete beroep ingesteld bij de officier van justitie. Deze heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
1.2.
De kantonrechter heeft het beroep op 26 november 2025 op de zitting behandeld. Daarbij was aanwezig: als vertegenwoordigster van de officier van justitie mr. M. van der Spek.
1.3.
Na afloop van de behandeling heeft de kantonrechter onmiddellijk uitspraak gedaan.

Beoordeling door de kantonrechter

Standpunten

2. Betrokkene voert aan dat hij door werkzaamheden niet meer kon parkeren aan de Van Heemskerckstraat. Daarom moest hij uitwijken naar een andere parkeerplek. Aan het einde van de Van Heemskerckstraat kan men afslaan naar de Toxopeusstraat. Daar staan geen borden dat hier niet mag worden geparkeerd en/of dat daarvoor moet worden betaald. Aan de linkerkant van de weg stond het bijna vol met geparkeerde auto’s. daardoor lijkt het alsof auto’s daar mogen parkeren, aldus betrokkene. Het is niet duidelijk dat sprake is van een trottoir. Het is ook geen logische plek voor een trottoir. Op de foto’s is te zien volgens betrokkene dat hij niet de enige is die hier heeft geparkeerd.
3. De vertegenwoordigster is van mening dat het beroep ongegrond moet worden verklaard.
Overwegingen
4. Betrokkene betwist de verkeersovertreding niet, maar voert argumenten aan om deze te verklaren. Daarmee is de verkeersovertreding komen vast te staan. Vervolgens is de vraag of er feiten en omstandigheden zijn die aanleiding geven tot een wijziging van de boete.
5. De kantonrechter ziet onvoldoende aanleiding om de boete te matigen of te vernietigen. Van de door betrokkene geschetste onduidelijkheid is de kantonrechter niet gebleken. Door de combinatie van een grijze trottoirband, het afwijkende klinkerpatroon en de lantaarnpalen is het voldoende duidelijk dat sprake is van een trottoir. De trottoirband is weliswaar niet verhoogd, maar vormt niettemin een visuele scheiding tussen de rijbaan en het trottoir. Daarnaast verschilt ook het legpatroon van de bestrating: de klinkers op de rijbaan zijn in een scheef patroon gelegd, terwijl die op het trottoir recht zijn gelegd. Verder is duidelijk zichtbaar dat de parkeervakken zich aan de overzijde van de rijbaan bevinden, wat het onderscheid tussen de parkeervakken en het trottoir versterkt. Dat ook andere voertuigen op het trottoir stonden, doet hieraan niet af. Het is niet toegestaan om op een trottoir te parkeren en dit hoeft niet met borden te worden aangegeven.

Conclusie

De kantonrechter verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. T.F. Bruinenberg, kantonrechter, in aanwezigheid van mr. W.B. Jongsma, griffier.
griffier kantonrechter

Rechtsmiddel

Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het
gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:
a. de u opgelegde administratieve boete meer dan € 110,00 bedraagt, of
b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld.
Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.
De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd.