Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 5 maart 2025 in de zaken tussen
[eiser 1], uit [plaats], eiser in LEE 23/2854en
(gemachtigde van [eiser 2]: [gemachtigde]),
Inleiding
24 mei 2023 heeft [eiser 1] beroep ingesteld. Dat beroep is bekend onder zaaknummer LEE 23/2854.
20 januari 2022 niet te herroepen. Het beroep met zaaknummer LEE 24/4911 is tegen dat besluit van 2 december 2024 gericht.
Beoordeling door de rechtbank
van 2 december 2024. De rechtbank heeft [eiser 1] in de gelegenheid gesteld om beroepsgronden tegen dat besluit in te dienen. Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt. Nu het college in dat besluit heeft besloten om de afwijzing van het handhavingsverzoek tegen het gebruik van het perceel van [eiser 1] in stand te laten, is het college met dat besluit aan het beroep van [eiser 1] tegemoet gekomen. Het beroep van [eiser 1] is ook op dit punt niet-ontvankelijk, omdat voor [eiser 1] geen procesbelang bestaat bij beoordeling van dat besluit.
Beslissing
mr.R.A. Schaapsmeerders, griffier. Uitgesproken in het openbaar op 5 maart 2025.
Informatie over hoger beroep
Bijlage: voor deze uitspraak belangrijke wet- en regelgeving
Artikel 4: Woondoeleinden Pro I
1. Woonhuizen, al dan niet in combinatie met ruimte voor:
a. het gebruik van bijgebouwen voor bewoning;
Artikel 21: Beschermd Pro dorpsgezicht
Bestemmingsomschrijving
Artikel 28: Gebruiksbepaling Pro
B. Burgemeester en Wethouders verlenen vrijstelling van het bepaalde in lid A, indien strikte toepassing daarvan zou leiden tot een beperking van het meest doelmatige gebruik, welke beperking niet door dringende redenen wordt gerechtvaardigd.