21.45uur fietste ik naar huis. Ik had het gevoel dat iemand mij achtervolgde. Ik had achterom gekeken en zag hem steeds dichterbij komen. Een paar meter voor het oversteekpunt greep hij naar mijn borst. Hij ging sneller fietsen. Ik schrok en zei "wat doe je? Wat doe je?". Hij zei niets en is snel doorgefietst naar links de autoweg op richting de Europaweg. De jongen droeg een zwarte rugzak. De jongen die mij heeft aangerand was een blanke Nederlandse jongen, hij was een jaar of 20. Hij was lang en dun. De jongen die mij heeft aangerand had volgens mij een mannenfiets.
De jongen die mij heeft aangerand haalde mij links in. Hij had zijn linkerhand aan het stuur en pakte met zijn rechterhand mijn linker borst, misschien wel 5 seconden. Hij kneep. Ik voelde zijn hele hand, met zijn duim omhoog en zijn vingers naar beneden over mijn borst. Het deed pijn. Later voelde ik het nog steeds alsof er nog iemand in mijn borst kneep.
3. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal van bevindingen d.d. 9 oktober 2023, opgenomen op pagina 85 e.v. van voornoemd dossier, inhoudend als relaas van verbalisant [verbalisant] :
Op vrijdag 29 september 2023 heb ik onderzoek gedaan naar de gevorderde camerabeelden, welke zijn gemaakt met de beveiligingscamera van [gebouw] op het adres [adres ] te Assen. De gevorderde beelden zijn van woensdag 6 september 2023 tussen 21:30 uur en 22:10 uur. Het tijdstip van het camerasysteem loopt 1 uur achter met de daadwerkelijke tijd. De locatie van deze camera is ongeveer 900 meter verder dan [adres ] , gemeten met “afstand meten in Google Maps. Ik zag op de beelden dat op 6 september 2023 omstreeks 20:59 uur, dus werkelijke tijd 21:59 uur, een meisje voorbij fietsen die voldoet aan het signalement van de aangeefster. Achter het meisje fiets een persoon die overeenkomt met de persoon die
ook op de [adres ] te Assen achter het meisje fietst. De persoon heeft wat langer donker haar in zijn nek.
4. Een kennisgeving van inbeslagneming, d.d. 8 september 2023, opgenomen op pagina 67 e.v. van voornoemd dossier, inhoudende:
Beslagene
Achternaam: [aangeefster 1]
Voornamen: [aangeefster 1]
Geboren: [geboortedatum] 2008
Volgnummer 1:
Goednummer: PL0100-2023238198-1640092
Object: Kleding (shirt) Bijzonderheden: Wit topje
5. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal vooronderzoek lab, d.d. 18 september 2023, opgenomen op pagina 76 e.v. van voornoemd dossier, inhoudende als relaas van verbalisant [verbalisant] :
Aanleiding onderzoek
In verband met een onderzoek naar een aanranding te Assen werd op verzoek van de Eenheid Noord-Nederland op maandag 18 september 2023 tussen 14:24 uur en 14:38 uur
door mij een forensisch onderzoek verricht naar biologische sporen aan onderstaande sporendrager:
Sporendrager
Goednummer: PL0100-2023238198-1640092 SIN: AAN04690NL
Inhoud/specificatie: Slachtoffer is vastgepakt op haar linkerborst Bijzonderheden: Wit topje
Biologisch vooronderzoek
Ik heb aan de buitenzijde ter hoogte van de linkerborst; een stuk van circa 10cm x 10cm bemonsterd op humane biologische sporen.
Ik heb het spoor veiliggesteld, gewaarmerkt met SIN AAQX4480NL, verpakt en verzegeld.
6. Een naar wettelijk voorschrift opgemaakt proces-verbaal waarneming en afname celmateriaal d.d. 10 juli 2024, opgenomen op pagina 30 e.v. van voornoemd dossier, inhoudende als relaas van verbalisanten [verbalisant] en [verbalisant] :
In aanwezigheid van mij, [verbalisant] ( [nummer] ), werd op woensdag 10 juli 2024 om 15:45 uur, door mij, [verbalisant] ( [nummer] ), (niet betrokken bij het onderhavige opsporingsonderzoek) op de locatie [adres ] op
verzoek van de officier van justitie, mr. H.J. Veen, van de verdachte
Achternaam: [verdachte] Voornamen: [verdachte] Geboren: [geboortedatum] 1998 wangslijmvlies afgenomen.
Het afgenomen celmateriaal is door [verbalisant] ( [nummer] ) in beslag genomen. Het celmateriaal is op de voorgeschreven wijze verpakt en voorzien van een identiteitszegel. Op dit identiteitszegel is de naam en geboortedatum van de
verdachte aangebracht. Een identiek identiteitszegel is op dit proces-verbaal aangebracht. Deze identiteitszegel heeft als code WADZ5154NL.
7. Een deskundigenrapport afkomstig van Eurofins van The Maastricht Forensic Institute B.V., zaaknummer TMFI2023.3S03-1 (referentie NFI: 2023 09 22 094), d.d. 18 september 2024, opgenomen op pagina 46
e.v. van voornoemd dossier, opgemaakt door dr. M. Hidding, op de door hem/haar afgelegde algemene belofte als vast gerechtelijk deskundige, voor zover inhoudend als zijn/haar verklaring:
Verzocht is vergelijkend Y-chromosomaal DNA-onderzoek te verrichten aan de bemonstering AAQX4480NL en het referentiemateriaal van verdachte [verdachte] WADZ5154NL, geboren op [geboortedatum] 1998, SKN 12707088.
Het doel van het DNA-onderzoek is om vast te stellen of er DNA aanwezig is in de bemonsteringen en wie de donor kan zijn.
Het DNA-onderzoek aan het sporenmateriaal is uitgevoerd met de PowerPlex® Y23 kit. Hiermee kunnen DNA-kenmerken van maximaal 23 loci aanwezig op het Y-chromosoom worden aangetoond.
De resultaten van het (vergelijkend) DNA-onderzoek zijn weergegeven in Tabel 2.
Berekening van de bewijskracht
Het Y-chromosoom erft over van vader op zoon. Dit betekent dat in de mannelijke lijn het Y-chromosomaal DNA-profiel gelijk is en de frequentie van voorkomen van een aangetroffen Y-chromosomaal DNA-profiel op een andere manier moet worden geschat dan bij autosomaal DNA-onderzoek. Op basis van de vergelijking in de West-Europese metapopulatie met 17 Y-STR-Markers is een inschatting gemaakt van de mate van voorkomen van het Y-chromosomaal DNA-profiel (Discrete-Laplace-Methode). Op basis van deze inschatting is de likelihood-ratio (LR) methode toegepast. Daarbij worden de resultaten bezien in het licht van twee, elkaar uitsluitende hypothesen
Hypothese 1: de bemonstering bevat DNA van verdachte [verdachte] of een andere man in de mannelijke lijn van verdachte.
Hypothese 2: de bemonstering bevat DNA van een willekeurige niet aan verdachte [verdachte] verwante man.
De resultaten van het onderzoek zijn ongeveer 2500 keer waarschijnlijker wanneer hypothese 1 juist is dan wanneer hypothese 2 juist is.
1. Proces-verbaal van bevindingen d.d. 23 september 2024, opgenomen op pagina 53 e.v. van het dossier
van Politie Noord-Nederland met nummer BVH 2023299091(onderzoek Vaticaan / NNRBC23221) d.d. 13 oktober 2024, inhoudend het relaas van verbalisant [verbalisant] .