ECLI:NL:RBNNE:2026:1669
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen WOZ-waarde recreatiewoning en aanslag OZB gemeente De Fryske Marren
Eiseres betwist de door de heffingsambtenaar vastgestelde WOZ-waarde van haar recreatiewoning aan een adres in de gemeente De Fryske Marren, vastgesteld op €436.000 per 1 januari 2023. Zij stelt dat de gebruikte gegevens onjuist zijn, met name de oppervlaktegegevens, en pleit voor een lagere waarde van €300.000. De heffingsambtenaar handhaaft de waarde en onderbouwt dit met een waardematrix en verkoopcijfers van vergelijkbare referentieobjecten.
De rechtbank beoordeelt of de waarde niet te hoog is vastgesteld en stelt vast dat de heffingsambtenaar de oppervlakte conform NEN 2580 heeft nagemeten en dat de gebruikte referentieobjecten goed vergelijkbaar zijn. De rechtbank wijst erop dat de WOZ-waarde wordt bepaald op basis van de waarde in het economisch verkeer en dat de gebruikte meetmethoden en gegevens niet leiden tot een onjuiste waardebepaling.
De rechtbank verwerpt het beroep van eiseres, onder meer omdat de waardestijging ten opzichte van voorgaande jaren niet relevant is en de vergelijking met andere woningen onvoldoende onderbouwd is. De heffingsambtenaar heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat de WOZ-waarde niet te hoog is vastgesteld. Het beroep wordt ongegrond verklaard, de beschikking en aanslag OZB blijven in stand en eiseres krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de WOZ-waarde en aanslag OZB wordt ongegrond verklaard en de waarde van €436.000 blijft gehandhaafd.