Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
uitspraak van de meervoudige kamer van 8 mei 2026 in de zaak tussen
[naam uit woonplaats] , eiser,
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)
Samenvatting
.Eiser krijgt dus geen gelijk en het beroep is dus ongegrond. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond;
- draagt het Uwv op het betaalde griffierecht van € 53,00 aan eiser te vergoeden.
Informatie over hoger beroep
arbeidsvoorwaardenbedrag:het aan de werknemer toegekende en in geld uitgedrukte toekomstige loonbestanddeel, niet zijnde een afzonderlijke opbouw van vakantiebijslag, dat is opgebouwd ingevolge afspraken in de individuele of collectieve arbeidsovereenkomst, voor zover dit toekomstige loonbestanddeel kan leiden tot loon als bedoeld in artikel 16 van Pro de Wfsv;