ECLI:NL:RBNNE:2026:2511
Rechtbank Noord-Nederland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Verkorting looptijd schuldsaneringsregeling op grond van art. 349a Faillissementswet
De rechtbank Noord-Nederland heeft op 20 april 2026 een beschikking gegeven op verzoek van de bewindvoerder om de looptijd van de schuldsaneringsregeling van de schuldenares te verkorten. De bewindvoerder verzocht om de ingangsdatum van de regeling vast te stellen op 1 augustus 2025, omdat vanaf die datum loonbeslag op het inkomen van de schuldenares lag en er al aanzienlijke aflossingen waren gedaan.
De rechter-commissaris overwoog dat sinds 1 juli 2023 de termijn van de schuldsaneringsregeling kan worden vastgesteld met een ingangsdatum vóór de datum waarop de regeling formeel van toepassing werd verklaard. Daarbij is van belang dat de schuldenares gedurende het minnelijk traject aan haar inspanningsplicht heeft voldaan en dat het loonbeslag niet aan haar kan worden toegerekend.
De Hoge Raad heeft in een arrest van 20 december 2024 geoordeeld dat aflossingen uit hoofde van loonbeslag als eerste aflossingen in de zin van artikel 349a Fw kunnen worden aangemerkt en dat art. 349a lid 1 Fw ambtshalve moet worden toegepast. Gezien deze overwegingen en het dossier is de rechter-commissaris van oordeel dat de looptijd van de regeling met acht maanden kan worden verkort, waardoor de regeling eindigt op 1 februari 2027.
De bewindvoerder wordt opgedragen de gewijzigde termijn onverwijld aan de schuldeisers mede te delen. Tegen deze beschikking staat hoger beroep open binnen vijf dagen na dagtekening.
Uitkomst: De looptijd van de schuldsaneringsregeling wordt met acht maanden verkort en eindigt op 1 februari 2027.