ECLI:NL:RBNNE:2026:2829
Rechtbank Noord-Nederland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Beëindiging gezag moeder en naturalisatie minderjarige in belang van het kind
De rechtbank Noord-Nederland heeft op 14 juli 2026 een beschikking gegeven in een zaak over het gezag en de nationaliteit van een minderjarig meisje dat haar hele leven in Nederland heeft gewoond en in jeugdzorg verblijft. De moeder van het meisje kampt met ernstige verslavings- en gedragsproblemen, waardoor het gezag over het kind niet adequaat kan worden uitgeoefend. De moeder is niet in staat om weloverwogen beslissingen te nemen en het contact met het kind is moeizaam en sporadisch.
De rechtbank beëindigt het gezag van de moeder en benoemt de gecertificeerde instelling William Schrikker Stichting tot voogd. Dit is noodzakelijk vanwege de langdurige ontwikkelingsbedreiging van het kind en het ontbreken van perspectief op verbetering bij de moeder. De voogd wordt opgedragen zich primair te richten op de naturalisatie van het kind.
De naturalisatie van de moeder is afgewezen vanwege een strafrechtelijke veroordeling, waardoor ook de minderjarige het Nederlanderschap niet heeft verkregen. De rechtbank oordeelt dat het kind niet mag worden gestraft voor het handelen van de moeder en dat naturalisatie op humanitaire gronden en in het belang van het kind alsnog moet plaatsvinden. Het kind is volledig ingebed in de Nederlandse samenleving en afhankelijk van Nederlandse instanties, waardoor het onthouden van het Nederlanderschap haar rechtspositie schaadt.
De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en de minderjarige is geïnformeerd over de beslissing in begrijpelijke taal. De moeder kan tegen deze beslissing in hoger beroep, waarvoor een advocaat moet worden ingeschakeld.
Uitkomst: Het gezag van de moeder wordt beëindigd en een gecertificeerde instelling wordt benoemd tot voogd met de opdracht de naturalisatie van de minderjarige te regelen.