ECLI:NL:RBNNE:2026:288
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen onttrekking minderjarige en mishandeling gezinsvoogd
De rechtbank Noord-Nederland heeft op 5 februari 2026 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte, die werd beschuldigd van medeplegen van onttrekking aan het gezag en verbergen van een minderjarige, alsmede mishandeling van een gezinsvoogd.
De feiten betreffen perioden in oktober 2025 waarin verdachte samen met anderen haar minderjarige zoon onttrok aan het wettig gezag en hem verborgen hield voor justitie en politie. Daarnaast mishandelde zij op 14 augustus 2025 een medewerkster van Jeugdbescherming Noord door haar met kracht op de schouder en/of bovenarm te slaan.
De rechtbank achtte de feiten wettig en overtuigend bewezen, mede door de duidelijke bekentenis van verdachte en diverse proces-verbalen. Er werd geoordeeld dat sprake was van voortgezette handelingen, waarbij de gedragingen als één ongeoorloofd wilsbesluit werden gezien.
Bij de strafoplegging hield de rechtbank rekening met de ernst van de feiten, de persoon van verdachte en het reclasseringsrapport dat een hoog recidiverisico signaleerde. Verdachte kreeg een taakstraf van 80 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 3 maanden met een proeftijd van 3 jaar. Een contactverbod met haar zoon werd niet opgelegd, omdat het civielrechtelijk kader voldoende bescherming biedt.
De rechtbank sprak verdachte vrij van overige tenlastegelegde feiten en bepaalde dat de opgelegde taakstraf kan worden vervangen door 40 dagen hechtenis bij niet-naleving.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een taakstraf van 80 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 3 maanden met een proeftijd van 3 jaar.