ECLI:NL:RBNNE:2026:663
Rechtbank Noord-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening wegens niet tijdig beslissen exploitatievergunning
Verzoekster heeft op 8 februari 2026 een aanvraag om een exploitatievergunning ingediend nadat een eerdere aanvraag van 27 oktober 2025 buiten behandeling was gesteld. Zij verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen vanwege het uitblijven van een besluit op haar nieuwe aanvraag.
De burgemeester bevestigde de ontvangst van de aanvraag en gaf aan dat een beslistermijn van acht weken geldt. Verzoekster maakte bezwaar tegen het niet tijdig beslissen en stelde een beroep in. De burgemeester gaf aan dat de aanvraag niet volledig was en verzocht om aanvulling binnen twee weken.
De voorzieningenrechter oordeelde dat er weliswaar sprake is van een spoedeisend belang vanwege de financiële situatie van verzoekster, maar dat de beslistermijn van acht weken nog niet was verstreken. De eerdere mededeling over een beslistermijn van een week was geen concrete toezegging en de aanvraag was niet compleet. Daarom was de burgemeester niet in gebreke en werd het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de burgemeester nog niet in gebreke is om tijdig te beslissen.