ECLI:NL:RBNNE:2026:999
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gedeeltelijke toekenning schadevergoeding mijnbouwschade woning wegens onvoldoende weerlegging bewijsvermoeden
Eiser diende een aanvraag in voor vergoeding van schade aan zijn woning veroorzaakt door mijnbouwactiviteiten. Het Instituut Mijnbouwschade Groningen wees de aanvraag deels af, waarna eiser beroep instelde met een contra-expertiserapport. De rechtbank beoordeelde het bewijsvermoeden dat schade door bodembeweging wordt veroorzaakt en de vraag of het Instituut dit vermoeden had weerlegd.
De rechtbank oordeelde dat het bewijsvermoeden ten aanzien van schade 3 niet was weerlegd, omdat deskundigen verschillende en tegenstrijdige oorzaken noemden, waardoor geen duidelijkheid bestond over de oorzaak. Voor schades 10 en 11 was het bewijsvermoeden wel weerlegd, omdat de oorzaken consistent en goed onderbouwd waren.
De rechtbank wees het beroep toe voor schade 3, vernietigde het besluit voor dat onderdeel en kende een vergoeding toe conform het contra-expertiserapport. Tevens werd het Instituut veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten. Het verzoek om het deskundigenbericht van een door het Instituut ingeschakelde deskundige vanwege vermeende partijdigheid buiten beschouwing te laten, werd afgewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en voor schade 3 wordt een schadevergoeding toegekend wegens onvoldoende weerlegging van het bewijsvermoeden.