Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
1.de besloten vennootschap [verweerder in conventie, verzoeker in reconventie 1].,
1.Het verloop van het geding
2.Het verzoek in conventie en in reconventie
3.De beoordeling in conventie en in reconventie
“(…) Deze onroerende zaak bestaat onder meer uit een manegehal van 30 x 60 meter en onbebouwde weilanden (…). De huurverhouding is op 1 mei 1988 ingegaan voor onbepaalde tijd, doch wordt eerst thans schriftelijk vastgelegd. Huurder en verhuurder kunnen de huurverhouding slechts opzeggen bij aangetekende brief en met inachtneming van een opzegtermijn van drie jaren. (…) Het gehuurde is bestemd om te worden gebruikt als manege met toebehoren ten behoeve van de door de huurder uitgeoefende stoeterij. (…)”