Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
uitspraak van de meervoudige kamer van 16 juli 2013 in de zaak tussen
[eiser] te [woonplaats],
,
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Boxtel,
Waterschap De Dommelte Boxtel, vergunninghoudster,
Rechtbank Oost-Brabant
Eiser heeft beroep ingesteld tegen een omgevingsvergunning verleend aan waterschap De Dommel voor werkzaamheden in het kader van het beekherstelproject Beerze Kampina, waaronder het opnieuw meanderen van een beek. De werkzaamheden zijn deels in strijd met het bestemmingsplan, en eiser vreesde negatieve effecten op zijn leefomgeving, zoals schommelend grondwaterpeil, aantasting van de bosrand en verstoring van weidevogels.
De rechtbank beoordeelde het beroep inhoudelijk en stelde vast dat het projectplan en de vergunning zorgvuldig waren voorbereid, inclusief hydrologische studies die geen significante negatieve effecten op het perceel van eiser aantonen. De rechtbank oordeelde dat verweerder het projectplan als een goede ruimtelijke onderbouwing mocht beschouwen en dat de belangenafweging redelijk was gemaakt.
Daarnaast werd overwogen dat de flora- en faunaregels niet kennelijk niet strekken tot bescherming van eiser, en dat de cultuurhistorische belangen voldoende waren meegewogen. Het verzoek om aanvullende peilbuizen werd niet toegewezen omdat het monitoringsplan voldoende representatief was.
De rechtbank concludeerde dat de vergunning terecht was verleend en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning voor het beekherstelproject Beerze Kampina is ongegrond verklaard.