ECLI:NL:RBOBR:2013:5992
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tegemoetkoming faunaschade wegens te late melding en onvoldoende causaliteit
Eiser heeft een verzoek ingediend voor tegemoetkoming in faunaschade veroorzaakt door een ziek wild zwijn dat schade aan zijn varkensvermeerderingsbedrijf zou hebben veroorzaakt. Verweerder heeft het verzoek buiten behandeling gesteld omdat het te laat was ingediend, namelijk ruim na de wettelijk gestelde termijn van zeven dagen na constatering van de schade.
Eiser stelde dat het Centraal Instituut voor Dierziekte Controle (CIDC) naliet hem tijdig te informeren en het benodigde aanvraagformulier te verstrekken, maar de rechtbank oordeelde dat deze omstandigheden niet als bijzondere omstandigheden gelden die een afwijking van het beleid rechtvaardigen. Tevens werd onvoldoende causaliteit tussen het wilde zwijn en de ziekte bij de varkens aangetoond.
De rechtbank bevestigde dat het beleid van het Faunafonds, dat een strikte termijn van zeven dagen hanteert voor het indienen van verzoeken, niet kennelijk onredelijk is en in overeenstemming met de Flora- en faunawet en de Regeling vaststelling Beleidsregels Schadevergoeding. Het beroep van eiser werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het verzoek om tegemoetkoming in faunaschade wordt ongegrond verklaard wegens te late indiening en onvoldoende causaliteit.