Uitspraak
iederinzicht in de draagwijdte van zijn gedragingen en de mogelijke gevolgen zou hebben ontbroken. Daar is slechts sprake van bij hoge uitzondering.
Rechtbank Oost-Brabant
De rechtbank Oost-Brabant heeft verdachte veroordeeld voor de doodslag op zijn vrouw en poging tot doodslag op zijn zoon op 28 april 2013 te Reek. Verdachte verkeerde ten tijde van de feiten in een delirium, maar heeft door zijn eigen keuzes in medicatie- en alcoholgebruik wezenlijk bijgedragen aan het ontstaan daarvan. Hierdoor is volledige ontoerekenbaarheid uitgesloten, maar kan de schuld slechts in sterk verminderde mate worden toegerekend.
De rechtbank stelde vast dat verdachte zijn vrouw meerdere malen met een mes in de hals heeft gestoken, wat leidde tot haar overlijden, en zijn zoon met extreem geweld heeft mishandeld, wat levensgevaarlijk letsel veroorzaakte. Getuigenverklaringen van de kinderen en buren ondersteunden deze feiten. Verdachte had geen herinneringen aan het incident, maar ontkende de feiten niet.
De forensische rapporten concludeerden dat verdachte leed aan een terugkerende depressieve stoornis, persoonlijkheidsstoornis, zwakbegaafdheid en misbruik van alcohol, en dat hij bewust risico's nam door medicatie zonder overleg af te bouwen en alcohol te gebruiken. De rechtbank legde een gevangenisstraf van vier jaar op met aftrek van voorarrest en een terbeschikkingstelling met verpleging vanwege de ernst van de feiten en de noodzaak van langdurige behandeling.
Daarnaast werd verdachte veroordeeld tot schadevergoedingen aan de nabestaanden: €5.177,56 materiële schade aan de nabestaande, en €25.000 immateriële schade aan elk van de twee kinderen, met vervangende hechtenis bij niet-betaling. De rechtbank wees de vorderingen toe zonder matiging, gelet op de ernst van het leed en de bewezen feiten.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot vier jaar gevangenisstraf met terbeschikkingstelling en schadevergoedingen voor doodslag en poging tot doodslag.