ECLI:NL:RBOBR:2015:5896
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit buiten behandeling stellen Wob-verzoek wegens onrechtmatigheid
Eiser heeft een Wob-verzoek ingediend bij het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Heusden, dat op 6 oktober 2014 werd afgewezen. Na bezwaar verklaarde verweerder het bezwaar gegrond, maar stelde het verzoek buiten behandeling omdat eiser het verzoek niet tijdig had gespecificeerd. Eiser stelde beroep in tegen deze beslissing en het uitblijven van een tijdige beslissing op bezwaar.
De rechtbank oordeelt dat het buiten behandeling stellen van het verzoek in de bezwaarfase in strijd is met artikel 7:14 van Pro de Awb, dat artikel 4:5 Awb Pro in de bezwaarfase uitsluit. Tevens stelt de rechtbank vast dat verweerder niet tijdig op het bezwaar heeft beslist en daardoor een dwangsom van €1140,- heeft verbeurd. Het beroep tegen het niet tijdig beslissen is niet-ontvankelijk nu alsnog op bezwaar is beslist.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit en draagt verweerder op een nieuw besluit op bezwaar te nemen. Daarnaast wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht en de proceskosten van eiser. De rechtbank acht het niet aannemelijk dat sprake is van misbruik van procesrecht door eiser.
Uitkomst: Het besluit om het Wob-verzoek buiten behandeling te stellen wordt vernietigd en verweerder wordt veroordeeld tot betaling van een dwangsom en proceskosten.