Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
1.Het procesverloop
2.De feiten
(…) Daarnaast is met u de afspraak gemaakt dat u mij wekelijks op de hoogte houdt van uw vorderingen. De afgelopen twee weken heeft u dat echter niet gedaan, ook niet later. Tevens hebt u een poging ondernomen om het bezoek aan de bedrijfsarts van 28 februari jl. af te zeggen terwijl u wel in staat, maar kennelijk niet in de gelegenheid was om te komen. Dit is niet acceptabel. Temeer omdat er verder momenteel nauwelijks enige eisen aan u gesteld worden en wij wel uw loon doorbetalen (…)”
“Omdat de heer [verweerder] thans arbeidsongeschikt is én zich weinig aan lijkt te trekken van de dan geldende regels maken wij van de gelegenheid gebruik hem hierop te wijzen. Bij zijn aanstelling zijn deze regels aan hem uitgereikt. Voor de goede orde treft u deze regels bijgaand nogmaals aan.”
“In ons gesprek hebben wij al aangegeven dat uw handelen ons vertrouwen in u heeft aangetast. Wij verwachten daarom vanaf heden, dat u:
“samen mogelijkheden in kaart brengen vanuit een 2 sporen gedachte en de re-integratie hierop afstemmen. Enerzijds openhouden van de optie terugkeer in de eigen functie, anderzijds oriënteren op andere/beter passende functies. Momenteel aanbieden van tijdelijk aangepaste werkzaamheden in kader van ziektevervangende arbeid.”