ECLI:NL:RBOBR:2016:443
Rechtbank Oost-Brabant
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Gedeeltelijke schorsing concurrentiebeding wegens gewijzigde omstandigheden en belangenafweging
Eiser was tot eind 2014 in dienst bij Nestinox met een concurrentie- en relatiebeding van twee jaar na beëindiging van het dienstverband. Na beëindiging probeerde eiser bij Ven Fasteners in dienst te treden, maar werd door het concurrentiebeding belemmerd. In eerdere procedures werd het concurrentiebeding door de bodemrechter gehandhaafd en door het hof bevestigd.
Eiser startte een kort geding om het concurrentiebeding te schorsen of te vernietigen, stellende dat Nestinox geen zwaarwegend belang meer heeft bij handhaving en dat hij inmiddels ruim een jaar werkloos is. De voorzieningenrechter oordeelde dat het primaire verzoek tot vernietiging niet in kort geding kan worden toegewezen, maar dat de gewijzigde omstandigheden, waaronder het concrete aanbod van Ven Fasteners en de langdurige werkloosheid van eiser, aanleiding geven tot een gedeeltelijke schorsing.
De schorsing beperkt het concurrentiebeding zodat eiser bij Ven Fasteners als medewerker binnendienst mag werken, mits hij geen directe of indirecte contacten onderhoudt met klanten die hij bij Nestinox kende. De proceskosten worden gecompenseerd. Dit vonnis is een voorlopige voorziening en kan door het hof in de bodemprocedure worden herzien.
Uitkomst: Het concurrentiebeding wordt gedeeltelijk geschorst zodat eiser bij Ven Fasteners als medewerker binnendienst mag werken onder voorwaarden.