ECLI:NL:RBOBR:2016:82
Rechtbank Oost-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen sluiting woning op grond van artikel 13b Opiumwet
De burgemeester van de gemeente Cranendonck legde op grond van artikel 13b van de Opiumwet een last onder bestuursdwang op tot sluiting van een woning voor drie maanden vanwege de aanwezigheid van een handelshoeveelheid softdrugs en aanverwante middelen. Verzoekers maakten bezwaar tegen dit besluit en verzochten om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter stelde vast dat in de woning vijf hennepplanten, ruim 324 gram hennep en bijna 198 gram hasj waren aangetroffen, evenals middelen voor hennepteelt, wapens en vermoedelijk illegale elektriciteitsaftakking. Gelet op de jurisprudentie is bij dergelijke hoeveelheden aannemelijk dat de drugs bestemd zijn voor verkoop, waardoor de burgemeester bevoegd was tot sluiting.
Verzoekers voerden aan dat het om thuistelers ging, dat het besluit onvoldoende gemotiveerd was en dat het evenredigheidsbeginsel werd geschonden. De voorzieningenrechter oordeelde echter dat het handhavingsbeleid van de burgemeester, dat voorziet in sluiting bij eerste overtreding met handelshoeveelheden, proportioneel en subsidiair was gemotiveerd.
De voorzieningenrechter vond geen aanleiding om af te wijken van het beleid, ook niet vanwege het huisrecht, en wees het verzoek tot voorlopige voorziening af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening tegen de sluiting van de woning wordt afgewezen.