ECLI:NL:RBOBR:2017:2214
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen schending hoorplicht bij weigering telefonische hoorzitting en bevestiging WOZ-waarde bedrijfsobject
Eiseres, eigenaar van een automotive-bedrijfsobject, maakte bezwaar tegen de vastgestelde WOZ-waarde van €772.000 per 1 januari 2015 en verzocht om een telefonische hoorzitting vanwege de afstand. Verweerder weigerde dit verzoek en stelde een hoorzitting op locatie voor, waarbij de eigen taxateur samen met de taxateur van eiseres de objectkenmerken kon bekijken.
De rechtbank overwoog dat het belang van verweerder om de hoorzitting bij het bedrijfsobject te houden zwaarder weegt dan het belang van eiseres bij een telefonische hoorzitting. Hierdoor was geen sprake van schending van de hoorplicht. Vervolgens werd de vastgestelde WOZ-waarde getoetst aan de hand van de huurwaardekapitalisatiemethode, waarbij verweerder aannemelijk maakte dat de gehanteerde huurwaarde en kapitalisatiefactor van 9,6 marktconform en niet te hoog waren.
Eiseres kon haar lagere waardering niet voldoende onderbouwen, mede omdat haar taxateur geen op daadwerkelijke transacties gebaseerde huurprijzen kon overleggen. De rechtbank concludeerde dat verweerder aan zijn bewijslast had voldaan en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de WOZ-waarde van €772.000 wordt bevestigd.