De Stichting Islamitische Scholen Helmond vorderde betaling van een bedrag van circa €903.106,94 van een voormalig bestuurder wegens bestuurdersaansprakelijkheid en onrechtmatige daad. Dit bedrag was door de Stichting terugbetaald aan het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (OCW) na een besluit tot terugvordering wegens onrechtmatige besteding van bekostiging.
De Stichting stelde dat de bestuurder mede verantwoordelijk was voor wanbeheer, wat leidde tot de schade. De bestuurder voerde verjaring aan. De rechtbank overwoog dat de verjaringstermijn begint te lopen vanaf het moment dat de benadeelde daadwerkelijk bekend is met zowel de schade als de aansprakelijke persoon. Dit was volgens de rechtbank niet het moment van het onherroepelijke besluit, maar het moment waarop het nieuwe bestuur kon optreden, namelijk na het ontslag van de voormalige bestuurders op 30 januari 2008.
De Stichting had de verjaringstermijn niet tijdig gestuit, omdat de aanmaningen niet aantoonbaar waren ontvangen en de latere brief te laat was. Hierdoor was de vordering verjaard op 31 januari 2013. De rechtbank wees de vordering af en veroordeelde de Stichting in de proceskosten van de gedaagde.