ECLI:NL:RBOBR:2017:6762
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling poging tot afpersing met geweld en dwang tot pinnen
Op 8 maart 2017 hebben verdachte en zijn medeverdachte het slachtoffer met geweld gedwongen geld te pinnen. Het slachtoffer werd gestoken in het bovenbeen en meerdere keren geslagen, waarna zij onder dreiging van verdere geweldpleging geld moesten afstaan. Verdachte ontkende de geweldshandelingen, maar DNA-bewijs en verklaringen van het slachtoffer en medeverdachte bevestigden zijn betrokkenheid.
De rechtbank achtte de verklaringen van het slachtoffer betrouwbaar ondanks diens alcoholgebruik en verwierp het verweer van verdachte. De medeverdachte gaf tegenstrijdige verklaringen, waarvan de rechtbank de eerdere politieverklaringen geloofwaardiger achtte dan zijn latere getuigenverklaring.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot een gevangenisstraf van 18 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar en diverse bijzondere voorwaarden, waaronder reclasseringstoezicht en een behandelverplichting. Daarnaast werd verdachte veroordeeld tot betaling van schadevergoeding aan het slachtoffer van €1.909,72, bestaande uit materiële en immateriële schade, met een vervangende hechtenis bij niet-betaling.
De rechtbank benadrukte de ernst van het feit, het gebruik van ernstig geweld en de kwetsbaarheid van het slachtoffer door alcoholgebruik. Verdachte toonde geen verantwoordelijkheid en heeft een strafblad met eerdere veroordelingen voor gewelds- en vermogensdelicten. De medeverdachte kreeg een lichtere straf.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 18 maanden gevangenisstraf waarvan 6 maanden voorwaardelijk en schadevergoeding aan slachtoffer.