ECLI:NL:RBOBR:2017:724
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit burgemeester over sluiting pand en intrekking vergunningen wegens drugsactiviteiten
Eiser is eigenaar van een perceel met een woning, café en garageboxen waar drugsgerelateerde activiteiten werden aangetroffen. De burgemeester besloot op grond van artikel 13b Opiumwet het pand twaalf maanden te sluiten en vergunningen in te trekken. Eiser maakte bezwaar en stelde dat de intrekking en sluiting onrechtmatig waren, onder meer vanwege medisch gebruik van hennep en onvoldoende belangenafweging.
De rechtbank oordeelde dat de burgemeester onvoldoende heeft gemotiveerd waarom bestuursdwang voor twaalf maanden werd toegepast en onvoldoende rekening hield met de medische situatie van eiser en zijn gezin. Ook ontbrak een deugdelijke motivering voor de intrekking van de exploitatievergunning van het café. De bestuurlijke rapportage werd als bewijs aanvaard, maar de belangenafweging ontbrak.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit en gaf de burgemeester zes weken om een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van de burgemeester vernietigd wegens onvoldoende motivering en onrechtmatigheid.